Verhalen maken de mens. Inspirerende Utrechters aan het woord.

Van proberen kan je leren

hoiUtrecht Saskia van Veen

Mijn handbike is zo’n 2,5 week geleden kapot gegaan en sindsdien ben ik aan huis gebonden. Ik kan mijn dochter niet naar school brengen, ik kan niet echt boodschappen doen en ik kan niet naar werkafspraken. En dan is Utrecht nog best een toegankelijke stad, met bussen die een voorzien zijn van een lage instap en/of een plank, zodat rolstoelen en/of mensen met rollators makkelijk naar binnen kunnen rijden.

Op mijn achttiende besloot ik een rolstoel te gaan gebruiken omdat staan en lopen me te veel energie kostte.

Toen ik ging lopen deed ik eerst 2 stappen achteruit en dan pas vooruit. Ik viel heel vaak, maar ik was de oudste thuis. Mijn ouders hadden geen vergelijkingsmateriaal en maakten zich niet meteen zorgen. Op mijn achttiende besloot ik een rolstoel te gaan gebruiken omdat staan en lopen me te veel energie kostte.

Toch lijkt mijn leven veel op dat van lopende mensen. Ik heb een relatie, een kind en een bedrijf. Ik kan me nog goed herinneren dat mijn moeder zei: “ik denk dat ik nooit oma word”. Waarop ik dacht: “dat weet je helemaal niet. Waarom zou ik geen kindje kunnen opvoeden?” Het was voor ons niet gemakkelijk om zwanger te worden, maar dat had meer met de suikerziekte van mijn man te maken.

Beker thee

Tijdens de zwangerschap kreeg ik veel vragen. Mensen vroegen zich bijvoorbeeld af wat ik zou doen als het kindje op een gegeven moment zou gaan rennen, van me weglopen. Ik heb haar juist geleerd dat ze bij me moet blijven.

Laat gezonde mensen die het allemaal beter weten je niet vertellen wat je wel en niet zou kunnen omdat je een handicap hebt.

Eva wordt in die zin anders opgevoed dan kinderen van lopende ouders. Ze is ook zelfstandiger dan de meeste kindjes van zes jaar. Eva fietste al naast me toen ze 3,5 was. Ze mag van ons ook zelf haar beker met thee pakken. Daar zit wel een grens aan natuurlijk. Ik laat haar bijvoorbeeld niet alleen naar school gaan.

Blijf proberen

Mijn boodschap is: probeer vooral en geef niet op. Laat gezonde mensen die het allemaal beter weten je niet vertellen wat je wel en niet zou kunnen omdat je een handicap hebt. Mijn dochter zegt altijd: van proberen kan je leren. Soms lukt het wel en soms ook niet. Toen Eva een baby was wilde ik graag met haar babyzwemmen, maar dat werkte niet. Het is voor mij lastig om mezelf staande te houden en ik kon haar niet goed ondersteunen. Dan is de keuze makkelijk, ik wil natuurlijk niet dat ze verdrinkt.

Lieve buren

Ik vind het soms frustrerend hoor, ik word ook wel eens boos. Maar aan de andere kant: het is niet anders. Het scheelt ook dat ik ontzettend lieve buren heb. Nu mijn handbike kapot is kan ik de twee kilometer tot het schoolplein niet overbruggen. Gelukkig zijn er altijd buren die Eva even naar school brengen. Ook ouders van vriendinnetjes schieten te hulp. Ik kan wel denken; ik wil geen hulp vragen, maar dan komt ze niet op school.

Over mijn handbike gesproken, ik ga zo meteen maar weer eens bellen. Ik wil graag weten wat de prognose is. Het is belangrijk voor me dat mensen ‘aan de andere kant van de lijn’ me laten merken dat ze begrijpen hoe het is om zo afhankelijk te zijn. Zonder die fiets ben ik nergens.

Ik vind het soms frustrerend hoor, en ik word ook wel eens boos. Maar aan de andere kant: het is niet anders.

Volgende
Vorige