Verhalen maken de mens. Inspirerende Utrechters aan het woord.

Grenzeloos in mijn rolstoel

Ze zeggen wel: “je krijgt nooit een tweede kans voor de eerste indruk”. Daar ben ik het niet mee eens. Ik heb het gevoel dat mensen vooral mijn rolstoel zien bij een eerste ontmoeting. Pas later vormen ze zich een beeld van wie ik ben.

Ik vind het lastig in te schatten wat mensen precies denken als ze me zien, maar soms hoor je het aan een toon of opmerking. Er zijn wel eens gekke situaties tijdens zo’n eerste kennismaking, bijvoorbeeld mensen die zoeken hoe ze me een hand moeten geven. Dat snap ik op zich wel.

Onderweg

Op dit moment heb ik mijn eigen auto maar er is een tijd geweest dat ik elke dag met de taxi naar mijn werk in Veenendaal ging (ik werk als projectcoördinator voor een ontwikkelingsorganisatie, waardoor ik veel reis en in het buitenland verblijf).

Ik herinner me een taxichauffeur die heel vriendelijk een praatje begon. Hij vroeg me waar ik heen ging: “Naar de dagbesteding?” Mijn antwoord: “Nou, eigenlijk gewoon naar mijn werk.”

Hij vroeg me waar ik heen ging:
“Naar de dagbesteding?”
Mijn antwoord: 
“Nou, eigenlijk gewoon naar mijn werk.”

Er zijn veel mensen die ervan uit gaan dat mijn leven vol met obstakels is en ik het heel zwaar en moeilijk heb, die vinden me dan dapper. Het grappige is dat ik het zelf helemaal niet zo ervaar.

Iedereen gaat weer anders om met het feit dat ik een rolstoel heb. Wanneer ik merk dat iemand het lastig vindt probeer ik diegene de ruimte te geven, ik wil het ze niet nog lastiger maken.

Ik moet eerlijk bekennen dat het ook een beetje van mijn bui afhangt of ik daar zin in heb. Ik ontmoet regelmatig nieuwe mensen met wie mooie vriendschappen ontstaan en die een belangrijke rol krijgen in mijn leven. Eentje is wel héél bijzonder.

Nieuwsgierigheid

Ik was vorig voorjaar twee maanden in Bangladesh ter ondersteuning van onze partnerorganisatie. De eerste dagen stond er ook een afspraak met Ezaz gepland, de nieuwe programma-coördinator van het ‘disaster-risk-reduction project’ (maatregelen tegen de overstromingen die Bangladesh kunnen teisteren).

Ik kon zijn accent niet meteen thuisbrengen, het klonk anders dan het Engels van andere Bangladeshis. Andersom, bleek later, kon hij mijn rolstoel ook niet plaatsen, hij had nog nooit zo’n elektrische stoel gezien.

De nieuwsgierigheid was gewekt. Er gingen wat weken overheen voordat ik hem buiten kantoor tegen kwam. We kletsten wat en ik merkte dat hij heel grappig was, met een open blik. En toen sloeg, totaal onverwacht, de vonk over.

Toekomstplannen

We hebben elkaar sindsdien veel gezien. Ik geloofde nooit zo in ‘de ware’, en toch voelt het alsof we voor elkaar gemaakt zijn. Hij is Nederlands aan het leren want we willen in hier onze toekomst opbouwen. Ik zou me in Bangladesh niet makkelijk thuis voelen door de geringe bewegingsruimte.

Als je ‘gewoon’ mobiel bent is het al lastig want Dhaka is een drukke stad met veel files. Ook sociaal gezien is onze vrijheid daar beperkt. Tegelijk vind ik het fijn zijn familie te kennen en te snappen waar hij vandaan komt. Hopelijk pik ik ook nog wat van de Bengaalse taal op tijdens mijn volgende reis!

Volgende
Vorige